zaterdag, juni 10, 2006

Sekong.....Stof, regen, zand en kakkerlakken

Na de watervallen en natuur vinden we het tijd om wat verder het binnenland in te gaan en 'op zoek te gaan naar het echte Laos'. We posteren ons 's ochtends langs de weg van Tad Fane naar Sekong en al snel (nou ja, snel) komt er een lokale bus aangekropen. Over het vervoer per bus moeten we toch even wat meer vertellen:

De bussen die we tot nu toe hebben genomen varieerden van luxe touringcar tot oude rammelbak. Echter, in Zuid Laos hebben we toch wel de meest oude museum-exemplaren gezien. Zeker de lokale bussen waar de Lao zelf mee reizen zijn een ervaring op zich. Erg leuk ook als je je heen zet over stof, modder, etensresten op de vloer en weinig ruimte. De bus naar Sekong staat toch zeker wel op nr 1 tot nu toe.

Onze tassen worden achterin gegooid en dan mogen we de stampvolle bus inkruipen. Bussen worden namelijk vooral gebruikt om je spullen mee te vervoeren en dat kan werkelijk alles zijn. Het gangpad ligt vol met dakplaten/ bouwmateriaal, waardoor de vloer tot leuninghoogte is opgehoogd. Naast onze voeten ligt een berg ananassen en verder overal grote zakken met rijst, etenswaren en andere dubieuze zaken. Ook het dak van de bus is met drie meter verhoogd en aan de achterkant hangt een kolossale koelkast.

Langzaam kruipt deze bus de helling op en binnen is het een gezellige bedoeling. Iedereen klets met elkaar en de chauffeur en uiteraard zijn wij weer een bezienswaardigheid. Vooral het beenhaar van Paul schijnt bijzonder te zijn, hier zit een oud mannetje steeds aan te plukken en lacht onderwijl een tand bloot. Na een stop heeft een vrouw een plastic zak met wat op een paar bolletjes vacht lijkt. Dan zien we dat hier een paar eekhoorns in zitten die even daarvoor nog levend aan een touwtje op de markt hingen. Na nog wat stuiptrekkingen zijn deze gestikt en zullen deze beestjes 's avonds wel ergens op tafel verschijnen. Nadat we tijdens een andere tussenstop andere lekkernijen voorbij zien komen, zoals gefrituurde krekels en kevers op een sateprikker, besluiten we voorlopig maar even vegetarier te worden.....

Over Sekong zelf valt niet zo heel veel te vertellen. Alleen dat het ook hier weer erg arm, simpel en stoffig is, maar de mensen zijn weer erg aardig en hartelijk. Paul speelt nog een partijtje badminton met een paar meisjes en een van hen vertelt aan Wendy waarom wij zo blank zijn: It's cold in Holland, that's why you're so white. We moeten er erg om lachen. Helaas hebben we hier de slechtste kamer tot nu toe. Een vieze kamer met smoezelige lakens en tot twee keer toe een kakkerlakkenjacht....Geen aanrader dus.

We proberen met een gehuurd brommertje naar een waterval te rijden. Helaas is het regenseizoen toch wel echt begonnen en worden we onderweg overvallen door gigantisch noodweer. De weg naar de waterval blijkt onbegaanbaar en we keren maar weer om. We stoppen even bij een soort kraampje/winkeltje/huisje om wat te drinken. Gelijk komen van alle kanten de mensen aan gelopen om dat allemaal eens te bekijken en we weten duidelijk te maken dat we probeerden een modderpad te bedwingen op een brommertje met gladde banden. Onze moed wordt beloond met een film die in de dvd speler wordt gestopt, speciaal voor ons lijkt het. Als er een stukje Engels wordt gesproken in de film kijkt iedereen onze kant op en lacht, zo van: leuk he, jullie taal!

Gelukkig zit er tegenover ons hotel een leuk 'restaurantje' met een aardig meisje die een beetje Engels spreekt. Hier eten we nagenoeg alle dagen en ze kan een lekker potje koken. Niet alleen lekker, maar zeker ook vers! Iedere keer als we wat bestellen loopt ze niet de keuken in, maar stapt ze eerst op haar brommertje om eieren, brood of deeg te halen!